Winkelwagen
Loading
Een actuele dierenfabel over prestatiedruk, meetbare resultaten en de menselijke waarden die niet in cijfers zijn uit te drukken.

De bever die het hele bos wilde meten – een fabel over prestatiedruk

Cijfers kunnen duidelijkheid geven.

Ze laten zien hoeveel er is bereikt, hoe snel iets groeit en waar verbetering mogelijk is.

Toch kunnen cijfers ook het zicht ontnemen op wat moeilijker te meten is: aandacht, schoonheid, rust en verbondenheid.

Dat ontdekte een ijverige bever die geloofde dat het bos beter zou worden wanneer alles een getal kreeg.


De fabel


Berend Bever hield van orde. Rond zijn burcht lagen de takken op lengte gesorteerd en langs de waterkant had iedere steen een vaste plaats. Hij wist hoeveel hout hij voor zijn dam nodig had en hoe hoog het water mocht komen voordat de stroom gevaarlijk werd. De andere dieren bewonderden zijn nauwkeurigheid, want dankzij Berend bezweek de dam zelfs tijdens zware regenval niet. Toch begon hij zich steeds vaker te ergeren aan alles wat in zijn ogen zomaar gebeurde. De merel zong wanneer zij daar zin in had, de eekhoorn verzamelde de ene dag meer noten dan de andere en de hazen renden zonder ooit hun snelheid te vergelijken. Berend vond het een verspilling van mogelijkheden.


Daarom maakte hij een grote meetlat, een telraam en een brede plank waarop hij de resultaten van alle dieren kon bijhouden. De merel kreeg punten voor ieder lied, de hazen voor hun snelheid en de eekhoorns voor het aantal verzamelde noten. Zelfs de uil werd gevraagd zijn wijze gedachten te tellen. Aanvankelijk bracht het plan veel beweging in het bos. De merel begon vroeger te zingen, de hazen liepen extra rondes en de eekhoorns vulden hun holen sneller dan ooit. Berend zag de cijfers stijgen en beschouwde iedere stijging als een bewijs dat het bos vooruitging.


Na verloop van tijd veranderde echter niet alleen de hoeveelheid werk, maar ook de manier waarop de dieren leefden. De merel koos vooral korte liedjes, omdat zij er daarvan meer op een ochtend kon zingen. Haar lange, golvende melodieën, waarbij zelfs de wind leek te luisteren, verdwenen uit het bos. De hazen namen geen tijd meer om jonge dieren de veiligste paden te wijzen, want helpen leverde geen afstand of snelheid op. De eekhoorns verzamelden zoveel mogelijk noten, ook wanneer hun voorraadkamers al vol waren. Niemand bleef nog stilstaan bij de geur van nat mos, het eerste licht tussen de bladeren of een dier dat behoefte had aan gezelschap. Zulke dingen telden immers nergens mee.


Berend merkte wel dat het stiller en haastiger werd, maar op zijn plank zag alles er uitstekend uit. De aantallen waren hoger dan ooit. Toen de oude egel op een middag vroeg of iemand een stukje met hem wilde meelopen, omdat het pad naar zijn hol lang en eenzaam voelde, bleken alle dieren nog iets te moeten voltooien. De merel miste twee liederen, Haas wilde zijn snelste tijd verbeteren en Eekhoorn had nog zeven noten nodig. Ook Berend bleef bij zijn cijfers, totdat hij zag hoe de egel langzaam alleen tussen de varens verdween. Voor het eerst vroeg hij zich af op welke plaats van zijn plank hij een gemiste wandeling moest noteren.


Die nacht viel er langdurig regen en steeg het water achter de dam. Berend wist precies hoe hoog de stroom stond en hoeveel takken begonnen los te raken, maar geen enkel getal vertelde hem wie bereid was te helpen. Toch kwamen de dieren. Niet omdat er punten te verdienen waren, maar omdat het bos ook hun thuis was. De hazen sleepten hout aan, de eekhoorns vulden de openingen en de merel waarschuwde vanuit de lucht waar het water een nieuwe doorgang zocht. De oude egel kon weinig dragen, maar bleef naast de uitgeputte Berend zitten en zorgde ervoor dat hij niet opgaf. Tegen de ochtend hield de dam stand.


Toen de regen voorbij was, keek Berend naar zijn plank. Hij kon de gebruikte takken tellen en de gewerkte uren optellen, maar hij kon niet meten hoeveel moed, trouw en zorg de dieren hadden getoond. Hij begreep eindelijk dat zijn cijfers slechts een deel van het bos beschreven. De plank bleef bestaan, want meten was soms nuttig, maar de ranglijst verdween. Op de lege ruimte schreef Berend een eenvoudige herinnering: wat waardevol is, hoeft niet altijd hoger, sneller of meer te worden.



Prestaties meten is niet verkeerd, zolang het getal een hulpmiddel blijft en niet bepaalt wat waarde heeft. Een bos leeft niet alleen door verzamelde voorraden of gebouwde dammen, maar ook door dieren die naar elkaar omkijken en tijd maken voor wat geen punten oplevert.


Moraal:

Wie alleen telt wat zichtbaar is, ziet gemakkelijk over het hoofd wat werkelijk telt.