Your Cart
Loading

Waarom wij met kerst geen geëmailleerde brooddeegknutsels maken

Lang heb ik gedacht dat ieder gezin in Nederland zo leefde als die op de foto's in Libelle.


Iedereen behalve wij.

Ik baalde. Ik wilde ook zo graag zó zijn.


Mijn moeder breide nooit een trui zoals de moeders op de foto's.

Ze haalde zakken schapenwol bij een boer en spon die.

Ze sjabloneerde niet, ze bakte rare potten.


Ze probeerde geen recepten uit, ze flikkerde gewoon wat in een snelkookpan.

Ze quiltte geen spreien en haakte geen gordijnen.

Ze verfde de muren van ons huis knalgroen en mijn vader schilderde een kunstwerk op de deur.


We hadden geen Marjolein Bastinkalender


Geen letterbak en ook geen bloemetjesservies.

Mijn moeder haalde geen verse bloemen in huis.

Ze deed niet aan slanke tussendoortjes, en 'kortingsbonnen voor dagjes weg' verdwenen in de oud papierbak.


Wij hadden zwart gewolkt linoleum in de woonkamer. En een stalen kantoorkast. Er hingen Friese doorlopers aan de muur en als het regende mochten we binnen rolschaatsen.

Wij gingen af en toe naar oma maar nooit met zelfgebakken koekjes.


Onze kerstboom was niet versierd volgens de laatste mode.

Volgens geen enkele mode eigenlijk.

We deden maar wat.


Als wij gingen picknicken was de limonade warm


En zat er zand tussen de boterhammen.

Er liepen mieren over het kleed.

Er zaten wespen.

In de Libelle ging het nooit zo.


Mijn vader zag je nooit ontspannen lachend iets doen met kinderen en een gekleurde strandbal.

Je zag hem ook nooit met een schuimspaan bij een barbeque.

Je zag hem eigenlijk nooit in de buurt van een barbeque.

Of bij het eten.

Hij was aan het werk.


Mijn moeder leefde haar eigen leven en vaak vergat ze om de sleutel in de schuur te hangen.

Als we uit school kwamen konden we het huis niet in.

Gelukkig konden we goed klimmen en stond er boven meestal wel een raampje open.


Soms roerde ze een toetje van poeder uit een zakje. Saroma met klopklop.

Dat vonden we geweldig.

Onze lievelingsmaaltijd was macaroni met blokjes kaas en ham en ketchup.

We deden maar wat.


Maar met kerst hield mijn moeder zich plotseling wél aan regels


We wisten niet aan welke regels maar het moeten er veel geweest zijn.

En wij voldeden blijkbaar aan geen enkele.

Vermoedelijk had ze rond de kerst een foto van haar eigen Libellegezin in haar hoofd.


Ze stapelde frustratie op frustratie, stress op stress en woedebui op woedebui.

De spanning was de hele kerst te snijden en uiteindelijk brak het moment aan waarop ze met rood hoofd het huis uit stormde.

'Ik ga wel op een flatje wonen!' schreeuwde ze erbij.


Daar hoorde je Libellemoeders ook nooit over


'Doe maar,' riepen wij dan, het idee luchtte wel op.

Maar dat was niet wat ze wilde horen.


Na een paar uur was ze er weer.

En pas als mijn vader haar een kopje thee gebracht had en ze nog even had kunnen schreeuwen werd het leven weer normaal.

Een beetje dan.


Het heeft lang geduurd voordat ik begreep waarom ik kerstmis liever oversloeg


En het heeft nog langer geduurd voordat mijn band met kerst hersteld was.

Niet lang geleden begreep ik pas dat het Libellegezin niets anders is dan de fantasie van een redacteur. En dat de gezinnen modellen zijn, die voor een fotograaf poseren.


De schok was groot, maar de opluchting was groter


Het heeft me van de verplichting ontslagen iets te moeten met kerst.

Tegenwoordig doe ik waar ik zin in heb.


Ik hoef van mezelf niet meer naar mijn moeder met kerst

Ik hoef ook niet naar een kerk of naar andere dingen die me ooit werden opgelegd.


Soms blijven we thuis. Soms gaan we ergens heen.

Soms doen we dingen samen, soms alleen. Soms nodigen we iemand uit. En soms hangen we alleen maar wat, met een film en de houtkachel aan.


Ik heb nog altijd geen bloemetjesservies in huis en er hangt geen Marjolein Bastinkalender in de plee.


Toch ben ik best gelukkig zo


Mijn moeder stormt met kerst nog altijd met rode kop het huis uit, hoor ik van mijn zus.

Sommige dingen veranderen nooit.

Je zou er een Libellenummer mee kunnen vullen.