Taal in kleur: Begrippen en definities · alle, behalve, tenzij en een woord uitleggen met een definitie voor het 3e leerjaar tot 1e middelbaar · oefenbundel
Oefenbundel van 64 pagina's om begrippen uit de schooltaal te begrijpen en woorden uit te leggen: hoeveelheid (alle, geen, sommige, de meeste), ruimte, volgorde en tijd, behalve en zowel ... als, voorwaarde en oorzaak, en daarna een definitie maken in drie stappen. Digitaal product, pdf in A4.
Voor jonge kinderen bestaat heel veel taalmateriaal. Voor kinderen vanaf het derde leerjaar is het aanbod veel kleiner, terwijl de zinnen langer worden, de woorden abstracter en de regels strenger. Net dan loopt therapie vaak vast: wat bij een kleuter werkte, past niet meer bij een kind van tien. Deze bundel is gemaakt voor die oudere kinderen.
BESCHRIJVING
Veel opdrachten in de klas zitten vol kleine begrippen: kleur alle vormen behalve de rode, doe dit voordat je begint, tenzij het regent. Kinderen met een taalprobleem kennen de losse woorden vaak wel, maar begrijpen niet wat er precies gevraagd wordt. Daardoor doen ze de opdracht fout en lijkt het alsof ze het niet kunnen. Oudere leerlingen moeten bovendien woorden kunnen uitleggen: wat is een rivier, en wat is het verschil met een beek? Daarvoor heb je een definitie nodig.
In deel 1 tot 5 oefent het kind de begrippen met tekeningen van vormen, roosters en rijen. De antwoorden zijn door de computer berekend, dus ze kloppen altijd met de tekening. In deel 6 en 7 leert het kind een definitie opbouwen in drie stappen, elk met een eigen kleur: de klasse (bruin), de kenmerken (groen) en het doel (blauw). Daarna oefent het te brede definities en kringredeneringen herkennen en woorden met meer dan één betekenis.
Alle oefeningen, zinnen en situaties zijn nieuw geschreven. De bundel is geen test: gebruik hem om te oefenen wat je in het onderzoek of in de klas zag misgaan.
Alle bundels van de taalreeks gebruiken dezelfde kleurcode: wie is geel, wat bruin, doet wat rood, wanneer oranje, waar paars, hoeveel of hoe groen en waarom blauw. Wie al met een andere bundel uit de reeks werkt, hoeft de code niet opnieuw te leren.
DE DELEN
1 Hoeveelheid · 2 Ruimte en plaats · 3 Volgorde en tijd · 4 Behalve, zowel ... als en anders · 5 Voorwaarde en oorzaak · 6 Een definitie maken · 7 Woorden met meer dan één betekenis
WAT ZIT ERIN
- Onderaan elk blad met ruimte een extra opdracht: zelf opgaven maken, woorden in een eigen zin gebruiken of in eigen woorden uitleggen; notitieruimte op de bladen voor de logopedist en de ouders
- Uitleg voor de logopedist en twee hulpkaarten: begrippen op een rij en zo maak je een definitie
- Waar of niet waar, kleur wat er staat, kijk naar het rooster en teken op de juiste plaats
- Kijk naar de rij, dagen en maanden, zet in de goede volgorde en voordat, nadat, terwijl
- Tel wat meetelt, welke is anders, hetzelfde en anders
- Mag het of mag het niet, welk woord past en maak er één zin van
- Zoek de drie delen, wat voor soort is het, welk woord is het, maak de definitie af, schrijf zelf een definitie, wat is het verschil en welke definitie is de beste
- Welke betekenis past en lees het woordenboek
- Spelen: Wat ben ik? met 24 kaartjes en het bordspel Het begrippenpad met kaarten
- Sleutel met antwoorden, volgblad en brief voor ouders
VOOR WIE
Logopedisten, remedial teachers en leerkrachten die werken met kinderen van het 3e leerjaar tot het 1e middelbaar met moeite met instructietaal of met woorden uitleggen. De indeling per leerjaar is een richtlijn: begin op het niveau waar het kind nog vlot en zonder fouten werkt.
FORMAAT
Digitale pdf, 64 pagina's, A4. Afdrukken op 100 %. De kaartjes van Wat ben ik? knip je uit.
GEBRUIK
© 2026 Logopedie ello. Uitsluitend voor individueel gebruik binnen de eigen praktijk of klas. Verspreiding, doorverkoop of delen via gedeelde drives is verboden.